laagstaande-zon.jpg

Autorijden met een laagstaande zon

Je zal het misschien al gemerkt hebben. De bladeren vallen weer van de bomen en de zon komt weer lager te staan. Helemaal als de zon net op komt of bijna ondergaat, kan deze vervelend in je gezicht schijnen en zie je bijna niets meer van de weg. Kan je hier iets aan doen?

Je zal het misschien al gemerkt hebben. De bladeren vallen weer van de bomen en de zon komt weer lager te staan. Helemaal als de zon net op komt of bijna ondergaat, kan deze vervelend in je gezicht schijnen en zie je bijna niets meer van de weg. Kan je hier iets aan doen? Jazeker!

Maar eerst, welke invloed heeft de laagstaande zon op jouw rijgedrag?

Het rijden met een laagstaande zon is vermoeiender en heeft invloed op jouw reactievermogen. Doordat je vermoeid raakt, vertraagd je reactievermogen en vermindert je inschattingsvermogen. Daarnaast schijnt de zon in je ogen en wordt je verblind. Hierdoor zie je geen contrast meer en kan je bijvoorbeeld remlichten moeilijker zien. Vaak krijgen we vroeg in de ochtend (met zonsopkomst) of aan het eind van de middag (met zonsondergang) te maken met een verblindende zon. Dit is precies het moment waarop we sowieso al minder alert zijn, we moeten nog een beetje wakker worden of zijn moe na een lange dag school of werk. Deze combinatie zorgt dat de kans dat je een ongeval krijgt nog groter wordt.

Wat kan je zelf doen?

Een gepolariseerde zonnebril dragen kan het verschil maken. Gepolariseerde glazen verbeteren het contrast en zijn dus beter als een ‘normale’ zonnebril. Door het dragen van een gepolariseerde zonnebril hoef je niet met je ogen te knijpen en word je dus niet verrast door bijvoorbeeld een bocht of naderende tegenliggers.

Zorg voor schone ruiten. Door de vuiligheid verspreid het licht zich en zie je een grote vlek in je ruit. Je kan de binnenkant van de ruit gemakkelijk schoonmaken met een doek en bijvoorbeeld een paar spraytjes Glassex. De buitenkant kan je gemakkelijk sprayen met de ruitenwisservloeistof. Zorg dus dat je weet hoe dit in jouw auto werkt. Vaak moet je de hendel van de ruitenwisser naar je toe trekken om de voorruit te sprayen. De achterruit verschilt vaak per auto. Soms is dit met een draaiknopje en soms door de hendel van je af te bewegen.

Verwijder condens! Ook zit er ’s morgens vroeg vaak condens op de ruiten. Zorg dat dit volledig weg is voordat je gaat rijden. Ventileer je auto goed, dan is de condens het snelste weg. Zet de airco aan als je deze hebt of zet de verwarming op standje warm en richt deze op de ramen. Ook kan je met een doek of zeem de ramen schoonmaken. Heb je vaak last van vocht in de auto? Dan kan je een auto-ontvochtiger in de auto zetten om minder last te hebben van condens.


Zorg dat je goed verlicht bent! Licht word gezien en valt op. Zorg dus dat je bij laagstaande zon (maar eigenlijk altijd) je dimlichten aan zet. In dit geval gebruik je het licht dus niet om zelf iets te zien, maar om gezien te worden.

Gebruik de zonneklap! In elke auto zit een zonneklep. Deze kan je naar beneden klappen als je plotseling verblindt word door de zon. Vaak heb je in de herfst te maken met een laagstaande zon en schijnt deze nét onder de klep door. Hiervoor bestaan er verlengstukken, zodat er meer zon tegengehouden word.

Pas je snelheid aan! Zelf kan je minder zien, dus de andere weggebruikers ook. Pas je snelheid aan, aan de situatie en rijd rustiger. Zet op tijd je richtingaanwijzer aan als je af gaat slaan, zodat je anderen de tijd geeft om daar op te reageren. Op deze manier zorg je dat jij, maar ook de andere weggebruikers veilig thuis komen.